weer en atmosfeer

Weer en atmosfeer

Informatieve website over het weer, onze atmosfeer en de weersvoorspelling, handig voor een spreekbeurt en leuk als startpagina met onderaan de pagina diverse links naar populaire websites.

Aangepast zoeken

Home


Overzicht weersites, kaarten en waarschuwingen


Weerverslagen heden/verleden



Windtabel Beaufort

Saffir Simpson

Fujita (tornado)

Rond de evenaar is de opwarming het sterkst waardoor er warme lucht opstijgt en er ter plaatse een lagedrukgebied ontstaat.
In de hogere luchtlagen stroomt deze lucht in de richting van de Noordpool (noordelijk halfrond) en koelt weer af.
Koude lucht is zwaarder dan warme lucht en rond de 30e breedtegraad daalt deze lucht weer en ontstaat er een hogedrukgebied.
De lucht stroomt aan het aardoppervlak richting de evenaar en de Noordpool.

Door de draaiing van de aarde gaat de lucht in dit hogedrukgebied met de klok mee draaien.
De windrichting in een lagedrukgebied is tegen de klok in.
Op het zuidelijk halfrond zijn de draairichtingen tegengesteld.
De diameter van de aarde is rond de evenaar groter is dan aan de polen, hierdoor neemt de draaisnelheid richting de evenaar toe.
De lucht wil rechtstreeks naar de evenaar toestromen, maar door het draaien van de aarde komt de luchtstroom westelijker uit, dit noemt men ook wel het Coriolis effect.
De wind die hier bij de evenaar richting het westen waait noemen we de Noordoost passaat.

Op de Noordpool is juist een gebrek aan zonnewarmte en door de dalende koude luchtstroom ontstaat er een hogedrukgebied.
Deze koude lucht stroomt over het aardoppervlak richting de evenaar uit en stijgt rond de 60e breedtegraad op waar deze de warme luchtsoort vanaf de 30 N stroming tegenkomt, hier ontstaat dus een lagedrukgebied.
De lucht stroomt in de hogere luchtlagen weer richting de Noordpool en de evenaar.

De breedtegraden van 30 en 60 zijn grofweg aangegeven, met het wisselen van de seizoenen en onstabiliteit in de atmosfeer kunnen deze gebieden verschuiven!

De atmosfeer is altijd opzoek naar stabiliteit, daardoor zullen hogedrukgebieden hun teveel aan druk willen afgeven aan lagedrukgebieden waardoor de druk overal gelijk wordt.
Hierdoor ontstaat er dus wind.
Het Azoren hoog en het IJslands laag zijn bij ons de regelmatig terugkerende luchtdrukgebieden.
Deze drukgebieden zorgen bij ons vaak voor zuidwesten winden.
De relatie tussen deze gebieden wordt in de NAO index weergegeven.

De zeestromingen volgen als gevolg van dezelfde effecten globaal dezelfde patronen.
Op de Atlantische oceaan stroomt de warme golfstroom vanaf Afrika richting het westen waarna deze bij Zuid Amerika naar het noorden toe afbuigt.
Aan de zuidkust van Noord Amerika steekt de golfstroom weer de oceaan over waarna deze bij Europa weer naar het noorden afbuigt.
De warme golfstroom is er de oorzaak van dat het vaak in de West-Europese kustgebieden in de winter relatief warm is.


VORIGE
VOLGENDE

De zon en de aarde


Onze atmosfeer (opbouw)

(wind, golfstroom)

(wolken, neerslag en bliksem)


Soorten wolken en de weersvoorspelling